Regelmatig onregelmatige gast

November 2016

Op sommige vogelsoorten kun je de kalender gelijk zetten. Ze verschijnen en verdwijnen op vaste tijden Als je de eerste Nachtegaal weer hoort: april! De eerste overtrekkende Kramsvogels: oktober!. De Pestvogel doet aan die regelmaat niet mee, en houdt het liever spannend. Een paar jaar achter elkaar zien we er geen enkele, en dan ineens komt er een jaar waarin ze overal opduiken. Nou ja, overal; er moeten wel bessen in de buurt zijn. Als er namelijk één vogel is met een eenzijdig bessendieet, dan is het de Pestvogel wel.

Pestvogel Foto Ed Schouten

Foto: Ed Schouten

Vogels met zo’n regelmatig onregelmatig voorkomen (de veel zeldzamere Notenkraker heeft dat ook) noemen we invasiegasten. Ooit zorgde die invasies van Pestvogels voor onrust bij de bewoners van de Lage Landen. Die rare vogels moesten wel uit onbestemde gebieden komen en vreselijke ziektes met zich meebrengen. Vandaar de naam: Pestvogels.

Die vervelende naam laat zich moeilijk rijmen met de haast on-Nederlandse schoonheid van deze vogels. Omdat Pestvogels vooral bessenstruiken in tuinen in de bebouwde kom prefereren, kan die schoonheid ook vaak zonder verrekijker vastgesteld worden. Vogelkenners kunnen uit de lengte van de kuif, de grootte van de keelvlek, de tekening van de handpennen en de hoeveelheid rode ‘lakplaatjes’ op de vleugel afleiden of het om een mannetje of vrouwtje en jonge of oude vogel gaat.

De afgelopen week zijn uit het hele land, inclusief Katwijk, zoveel meldingen gekomen, dat we zeker kunnen spreken van een invasie. Hoe groot die invasie wordt is nog de vraag. Vooral mensen met Gelderse roos in de tuin moeten goed opletten. Pestvogels zijn daar gek op. Maar ook andere bessen gaan naar binnen, in z’n geheel.

Gijsbert van der Bent