Ook het Natuurcentrum Katwijk ontkomt er niet aan om maatregelen te nemen in verband met het corona-virus. Daarom is in ieder geval tot 1 juni het Natuurcentrum gesloten, en gaan geplande activiteiten niet door. Wij vinden dat natuurlijk heel erg jammer. Uiteraard volgt nadere berichtgeving als de ontwikkelingen daartoe aanleiding geven.

Goudhaantjes weer gesetteld

Foto: Ed Schouten – Katwijk november 2015

Veel Katwijkers wisten er van mee te praten. In oktober, de vogeltrekmaand bij uitstek, werd Nederland overspoeld met Goudhaantjes uit het noorden en oosten van Europa. De vermoeide vogeltjes kwamen soms midden in het dorp terecht. Inmiddels zitten de Goudhaantjes weer waar ze wezen moeten: in de bossen, en dan met name naaldbossen. Het Ridderpark midden in Katwijk, het Duinpark bij Salem, het Panbos en de naaldbossen rond de Wassenaarse Slag zijn nu de plekken waar je Goudhaantjes kunt aantreffen. Ze zoeken onvermoeibaar naar voedsel en verraden zich vaak door een zeer hoog en ijl sie-sie-sie. Het Goudhaantje is het kleinste vogeltje van Europa en trekt vaak samen op met andere dreumesen als Koolmees, Pimpelmees en Staartmees.

Met korstmossen meer mans

Foto: Maarten Langbroek – Katwijk september 2015

Het lijken wel kleine paddenstoeltjes. Nee, dat zijn het niet. Het is het Klein Leermos, een soort korstmos! Korstmossen groeien eigenlijk overal. Op de stoep, op muren, op bomen en, zoals dit Klein Leermos, dus ook op de grond. Korstmossen bestaan uit een alg en een schimmel, die elkaar samen in leven houden. Ze kunnen overal op groeien omdat ze in tegenstelling tot planten hun voedingsstoffen niet uit de bodem of uit de schors halen, maar uit de atmosfeer. In de duinen bij Katwijk kun je erg veel leuke korstmossoorten tegenkomen. Ze zijn vaak al net langs de schelpenpaadjes te vinden. Zo ook dit Klein Leermos. Het winterhalfjaar is goed om de korstmossen te zien, want s' zomers verschrompelen ze door de droogte. Voor de echte geïnteresseerden: in duingebied Berkheide (onze Zuidduinen) komen wel vijf soorten Leermos voor. Succes met zoeken!

Kemphaan doet in het najaar rustiger aan

Foto: Rene van Rossum – Katwijk/Noordwijk, september 2015

Kemphanen zijn toch die vogels met die bontgekleurde kragen die altijd aan het vechten zijn? Inderdaad kunnen de mannetjes bij de aanvang van het broedseizoen hele toernooien houden. De decent gekleurde en veel kleinere vrouwtjes (de Kemphennen) bezien de gevechten van een afstandje en trekken hun conclusies. Rond Katwijk broedt de Kemphaan al heel lang niet meer. Het zijn zogenoemde ‘zeer kritische weidevogels’, en bij ons hebben ze weinig meer te zoeken. Die beroemde Kemphanen-gevechten zien we hier dus ook nooit. We zien de Kemphanen bij Katwijk af en toe wel op doortrek. De mannetjes hebben nu geen kragen meer en zien er net zo uit als de vrouwtjes en de jonge vogels. Mannetjes zijn wel altijd een stuk groter dan de vrouwtjes. In deze tijd van het jaar zijn Kemphanen regelmatig te zien tussen de Kieviten en de Goudplevieren op de weilanden rond het Vliegkamp Valkenburg. Het onder water zetten van bollenland geeft ons een extra kans om Kemphanen te zien. Tussen Noordwijk en Katwijk is een groot bollenperceel (langs de Achterweg) onder water gezet. Dat trekt altijd veel vogels aan. Waaronder regelmatig Kemphanen op doortrek.

Tijgerspin is een blijvertje

Foto: Maarten Plug – Katwijk, september 2015

De maanden september en oktober zijn heel goed voor spinnen. Er komen in Nederland honderden soorten spinnen voor; waarvan een deel ook in en nabij onze huizen huist. De Wespspin is een nieuwe aanwinst voor Nederland. Deze soort komt oorspronkelijk uit Zuid-Europa, en heeft zich de afgelopen decennia naar het noorden uitgebreid. Van zuid tot noord komt de soort nu ook in ons land voor. Ook rond Katwijk is de mooi gekleurde en makkelijk te herkennen Wespspin (ook wel Tijgerspin genoemd) te vinden. Onder andere in het natuurgebied Lentevreugd en, midden in het dorp, op de Zanderij. Dat makkelijk te herkennen gaat alleen voor het vrouwtje op. Het mannetje is veel kleiner en veel minder opvallend getekend.

Boomvalk heeft altijd haast

Foto: René van Rossum - Katwijk, 29 augustus 2015

Om dit jaar nog een Boomvalk te kunnen zien in Katwijk of elders in Nederland moet je snel zijn. Voor je het weet zijn de Boomvalken weer vertrokken naar de overwinteringsgebieden in Afrika. Daar leven ze bijna uitsluitend van vliegende insecten. Als ze tijdens en rond de broedtijd in Europa verblijven staan er ook vogels op het menu, waaronder zwaluwen. Dan is het wel handig als je snel bent. En snel is de Boomvalk! Hij of zij lijkt ook altijd haast te hebben. De vogel op de foto was aan het jagen boven het Wantveld. Op de achtergrond een flat op Rijnmond. De flatbewoners hadden een wervelende show kunnen zien. En misschien hebben sommigen dat ook. De Boomvlak is een zeldzame broedvogel in onze regio. Na de broedtijd verschijnen er wel eens (families) Boomvalken boven Berkheide of Lentevreugd om op libellen te kunnen jagen.

Langs het pad naar het Natuurcentrum Katwijk

Foto: Gijsbert van der Bent – Katwijk, augustus 2015

In de zeereep, pal in de wind en in de zoute sproei van de zee, vinden we de mooie Zeeraket. Een plant die net als de Blauwe Zeedistel, is aangepast aan de barre omstandigheden die soms heersen aan de rand van Nederland. De bladeren zijn dik en stevig, als die van vetplanten, de witte tot lila bloemetjes zijn juist opvallend teer. De Zeeraket is als pioniersoort een van die planten die zand vasthouden, en daardoor aan de wieg kunnen staan van nieuwe duinen. Wie nu vanaf de Boulevard van Katwijk over het pad door de zeereep naar het Natuurcentrum Katwijk loopt komt de Zeeraket, bloeiend en wel, veel tegen. Nog tot in oktober zijn ze in deze mooie vorm te zien.

Jonge Spreeuw kijkt op z’n neus

Foto: Ed Schouten – Katwijk, augustus 2015

Schotse Hooglanders worden ingezet als ‘grote grazers’ om het dichtgroeien van het duin te voorkomen. Je vindt ze in Berkheide, maar ook in het natuurontwikkelingsgebied Lentevreugd, tussen Wassenaar en Katwijk. Echte natuur kunnen we dit uitheemse runderras niet noemen, maar de harige koeien helpen wel om echte natuur te behouden. De brutale  jonge Spreeuw die op de neus van de Schotse Hooglander zit is waarschijnlijk op zoek naar insecten in de ruige vacht van het rund.

Als een kolibri

Foto: Ed Schouten Katwijk, augustus 2015

Om echte kolibries te zien moeten we naar Noord- en vooral Zuid-Amerika. De Kolibrievlinder doet echter zijn best om het gemis aan kolibries in ons werelddeel goed te maken. De Kolibrievlinder is een trekvlinder, die vooral in augustus en september in ons land kan worden waargenomen. Ook in en om Katwijk. Tijdens de zomeravondduinexcursie van donderdag 30 juli werd er ook eentje gezien. Met supersnelle, onzichtbare vleugelslag hangen ze stil in de lucht, terwijl met de lange uitrolbare ton nectar uit de bloem wordt gezogen. Het insect vliegt razendsnel van bloem naar bloem. Als een echte kolibrie.

Paringswiel

Foto: Ed Schouten - Katwijk 2015

Overal waar een beetje water is zijn libellen te zien. De beste plekken in Katwijk voor libellen, met de meeste soorten, zijn echter duingebied Berkheide, het voormalig bollenland Lentevreugd, het nog onbebouwde deel van de Zanderij en het Zwarte Pad (bij Camping De Noordduinen). Het Lantaarntje is een van de bekendste en algemeenste libellensoorten. Op de foto zorgen twee Lantaarntjes ervoor dat we ook volgend jaar deze mooie en sierlijke libellen weer kunnen zien.

Instagram @natuurcentrumkatwijk