Natuurcentrum Katwijk is geopend op donderdag van 16.00 tot 18.00 en van 18.00 tot 20.00, op vrijdag, zaterdag en zondag van 12.00 tot 14.30 en van 14.30 tot 17:00

Nu en Toen in de Natuur

Het strand ligt vol verrassingen. Er is altijd wel wat te vinden. Op een maandagmorgen liep Arie Twigt op het strand voor Katwijk, zoals zo vaak, op zoek naar aanspoelsel. Op de hoogwaterlijn vond hij een groot bot, van 13 centimeter in doorsnee, dat hem niet bekend voorkwam. Nieuwsgierig als hij is ging hij bij specialisten te rade. Er kwam al snel een reactie van Dick Mol, specialist in mammoeten en andere dieren uit de IJstijd: Het bot blijkt een naviculare, een van de botten in de poot van een mammoet. De Noordzee ligt vol met overblijfselen van mammoeten, die hier tot in de laatste IJstijd algemeen voorkwamen.

Het voorjaar in de kop

Foto: Gerrit van Ommering - Katwijk, januari 2018

Januari is nog niet eens voorbij en nu hebben sommige vogels het voorjaar flink in de kop. Aalscholvers zijn in de winter helemaal zwart, maar zodra de kortste dag voorbij is gaan ze langzamerhand hun bruidskleed krijgen. De kop wordt wittig en op de flanken krijgen de vogels een opvallende witte dijvlek. In Berkheide hebben een aantal Aalscholvers zelf al nestplatformpjes gemaakt. Het zal niet lang meer duren voordat de eerste eieren gelegd worden. Februari en ook begin maart kunnen best nog strenge vorst te zien geven. Of de eieren en eventuele jongen dat overleven is dan nog maar de vraag. Honger hoeven de oudervogels in ieder geval niet te lijden. De meeste van onze Aalscholvers vissen tegenwoordig op zee. En eer die dichtvriest.....

Verstopt in hout of veen

boormossel foto arie twigt natuurcentrumkatwijk

Foto: Arie Twigt – Katwijk, december 2018

Vorige maand vond Arie Twigt op het strand tussen Katwijk en Noordwijk een Kleine boormossel Barnea parva. Daar was hij erg blij mee, want het is een schaarse soort op het Hollandse strand en hij had deze nog niet in zijn verzameling.

Deze Kleine boormossel leeft niet zoals bijvoorbeeld de kokkel in het zand, maar zit verstopt in hout en veen. Op de schelp zitten ruwe tandjes waarmee het schelpdiertje een hol voor zichzelf uitschraapt. Als de schelp groeit boort hij zich steeds een stukje verder in het hout of veen. De kleine boormossel is niet de enige boormossel die je kunt vinden op het Katwijkse strand. Ook de Witte, de Amerikaanse en de Ruwe boormossel zijn vaak te vinden op het strand. Zoek maar eens een plaatje op het internet, of kom ze bekijken als het Natuurcentrum Katwijk weer op het strand staat! Dat zal medio april 2018 zijn.

Laatbloeiers in de war?

katwijk-zeeraket-gerritvanommering-natuurcentrum.jpg

Foto: Gerrit van Ommering – Katwijk, november 2017

Hoewel het hoogtepunt van de bloei natuurlijk al weer lang achter ons ligt, zijn er opvallend veel plantensoorten die tot laat in de herfst bloeien. Niet zo uitbundig als in de zomer, maar als je een beetje gericht zoekt in bijvoorbeeld duingebied Berkheide kun je nog aardig wat bloemen vinden. Bijvoorbeeld de Zeeraket (zie foto), die ook veel voorkomt in de nieuwe zeereep voor de Katwijkse Boulevard.

Zijn die planten in de war? Nee, deze uitzonderingen horen bij de natuurlijke variatie binnen de soorten. Zo zijn de soorten voorbereid op veranderingen in hun leefgebied. De huidige laatbloeiers zullen voorlopers blijken te zijn als de opwarming van de aarde doorzet... Eind oktober kon je nog zo'n 70 soorten planten bloeiend in Berkheide vinden. Je kon er bijna een voorjaarsgevoel van krijgen! Hoeveel zouden het er nu nog zijn? Ga het duin in om het te ontdekken. Wel goed zoeken hoor!

Zeldzame schelp, gewoon op strand

schelp-sleutelgathoren-katwijk-marjaboekkooi-2017.jpg

Foto: Marja Boekkooi – Katwijk, oktober 2017

Regelmatig worden er hele leuk vondsten gedaan op het strand van Katwijk. Soms ook hele zeldzame. Vorige maand vond Marja Boekkooi op het strand van Katwijk bij Skuytevaert een Sleutelgathoren (wetenschappelijke naam: Diodora graeca). Deze horen heeft een opvallende vorm. Hij is niet, zoals bijvoorbeeld het Wenteltrapje, gewonden maar lijkt eerder op een omgekeerd schaaltje. De soort is verder te herkennen aan het sleutelgat in het midden van de schelp; vandaar de naam uiteraard. In Zeeland worden ze wat vaker gevonden, maar op de Zuid-Hollandse kust zijn ze heel zeldzaam. Mooi is ook dat de door Marja gevonden horen nog helemaal puntgaaf is. De meeste Sleutelgathorens die gevonden worden zijn beschadigd. Kortom; een zeldzame vondst kan gewoon op het Katwijkse strand. Kom ook zoeken!

Hartvormig met knobbels

geknobbelde-hartschelp-katwijk-henkvanduijn-2017.jpg

Geknobbelde hartschelp

Foto: Henk van Duijn – Katwijk, september 2017

Ook op stormachtige dagen kan het heerlijk zijn om een strandwandeling te maken. Een van de schelpensoorten die je regelmatig aantreft op het Katwijkse strand is de Geknobbelde hartschelp. Wetenschappelijke naam: Acanthocardia tuberculata. Let op de stevige bouw, driehoekige vorm, de brede ribbels en de knobbeltjes daarop. Ze kunnen tot 9 centimeter lang worden, maar zijn meestal veel kleiner.

De soort komt levend vooral voor in de Atlantische Oceaan tot in Het Kanaal en in de Middellandse Zee. Wat we hier op strand vinden zijn fossielen, en de kleppen zijn door het eeuwenlang verblijf onder het zand vrijwel altijd grijs-wit verkleurd. Let op: je hebt ook nog de Gedoorne hartschelp en de Grote hartschelp!

Een bijzondere eigenschap van hartschelpen is dat ze over het zand kunnen rollen zonder te beschadigen; erg handig op plekken waar veel stroming staat.

Duindoorns dik van de bessen

duindoorn-natuurcentrum-katwijk-gijsbertvanderbent.jpg

Foto: Gijsbert van der Bent – Katwijk, september 2017

Het valt op. Dit jaar zitten de Duindoorns vol met bessen. Het nazomerse duin fleurt helemaal op van die mooie, zacht oranje bessen. Als de zon een beetje schijnt en je loopt langs zo’n vruchtdragende struik, dan kun je ze gewoon ruiken! Vanwege de akelige doorns is het plukken niet zo makkelijk als bramen plukken. Jammer, want de bessen schijnen tjokvol te zitten met vitamine C en andere gezonde stoffen. Ze zijn wel heel erg zuur.

In onze kalkrijke duinen is de Duindoorn heel algemeen; in de rest van Nederland een stuk minder. Als de Duindoorns ook in de winter nog vol bessen zitten is dat mooi voor trekvogels uit het hoge noorden als de Kramvogel, de Koperwiek en de Zanglijster. Die zijn gek op Duindoornbessen. Maar ook Merels, kraaiachtigen en zelfs Waterhoentjes!

Gierzwaluw maakt ommetje

Gierzwaluw Rene van Rossum.jpg

Foto: René van Rossum – Katwijk, juni 2017

Vergeet die uilen, onze meest mysterieuze vogelsoort is de Gierzwaluw. Ze zijn nu in het land, maar ze zijn er nog maar net (begin mei) en gaan al bijna weer weg (in de loop van juli). In de tussentijd proberen ze onder onze dakpannen hun jongen groot te brengen. Gierzwaluwen eten uitsluitend insecten die ze in de vlucht vangen. Is het guur weer en vliegen er nauwelijks insecten, en dat gebeurt in de Nederlandse zomermaanden nogal eens, dan zijn deze vliegkunstenaars niet te beroerd om een ommetje van een paar honderd kilometer te maken naar plekken waar wel insecten vliegen.

Als de jonge Gierzwaluw vliegvlug is verlaat hij/zij het nest, meestal in de schemering. Moederziel alleen vangen ze de reis aan naar de overwinteringsgebieden in Afrika. In de twee of drie jaar dat het duurt voordat ze geslachtsrijp zijn blijven ze in Afrika en zijn ze continu in de lucht, ook ’s nachts! Als ze per ongeluk op de grond terecht komen kunnen ze vanwege hun extreem korte pootjes en lange, sikkelvormige vleugels niet eens zelf opvliegen. Dan moeten we ze als een vlieger opgooien.

Wespbij doet kunstje Koekoek na

natuurcentrumkatwijk-kortsprietwespbij-vrouwopzanderij-foto-edschouten.jpg

Foto: Ed Schouten – Katwijk, mei 2017

In onze duinen is op dit moment het onmiskenbare geluid van de Koekoek regelmatig te horen. Deze prachtige zomervogel is een zogenoemde broedparasiet: het vrouwtje legt haar eieren in de nesten van (veel kleinere) zangvogels en het uitgekomen Koekoeksjong flikkert alle eieren en jonkies van de pleegouders uit het nest en heeft daardoor al het aangedragen voedsel voor zich alleen. No problem!.

Er zijn meer dieren met dat nare trekje, zoals de wespbijen, waarvan in Nederland maar liefst 46 soorten bekend zijn. Ze lijken sprekend op een gewone wesp, maar in plaats van zelf een mooi nest te maken en de eigen jongen groot te brengen zoeken de wespbijen een kolonie van een andere bijensoort en leggen daar de eitjes in. De uitgekomen larven doen ze zich vervolgens te goed aan eieren, larven en voedselvoorraad van de gastkolonie. No problem! De foto is gemaakt op de Zanderij, en laat en Kortsprietwespbij zien bij een kolonie van Grasbijen.

Instagram @natuurcentrumkatwijk